ECLI:NL:GHARN:2009:BJ1834
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging invordering dwangsom wegens illegale uitbreiding wagenloods
Appellant kreeg op 11 mei 2004 een last onder dwangsom opgelegd door de gemeente om de illegale uitbreiding van zijn wagenloods te verwijderen. Na bezwaar en beroep werd dit besluit door de bestuursrechter bevestigd, waarna appellant hoger beroep instelde tegen de invordering van de dwangsom.
Het hof overweegt dat het beginsel van formele rechtskracht geldt en dat appellant onvoldoende klemmende omstandigheden heeft aangevoerd om hiervan af te wijken. Appellant kon niet aantonen dat hij de last tijdig had uitgevoerd en zijn beroep op verjaring faalt omdat hij de ontvangst van een stuitingsbrief onvoldoende heeft betwist.
Verder wijst het hof het verweer af dat de gemeente geen buitengerechtelijke kosten mocht rekenen en dat appellant geen wettelijke rente verschuldigd zou zijn. De rechtbank had de buitengerechtelijke kosten redelijk begroot op €1000,-. Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank Zutphen van 20 juni 2007 en veroordeelt appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellant wordt verworpen en het vonnis van de rechtbank Zutphen wordt bekrachtigd.