ECLI:NL:GHARN:2009:BJ6442
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor bezit van heroïne en tenuitvoerlegging voorwaardelijke gevangenisstraf
Verdachte werd in eerste aanleg door de politierechter veroordeeld voor het bezit van heroïne en kreeg een voorwaardelijke gevangenisstraf opgelegd. In hoger beroep verscheen verdachte niet, waarna het hof verstek verleende. Het hof stelde vast dat verdachte op 20 juni 2007 in bezit was van 3,8 gram heroïne, een hoeveelheid die groter is dan voor eigen gebruik is toegestaan.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en deed opnieuw recht. Het verklaarde het bezit van heroïne bewezen en strafbaar, maar sprak verdachte vrij van overige tenlasteleggingen. Gelet op de eerdere veroordelingen en het feit dat het bewezenverklaarde feit binnen de proeftijd van een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf viel, legde het hof een werkstraf van 44 uur op, met een vervangende hechtenis van 22 dagen.
Daarnaast gelastte het hof de tenuitvoerlegging van de eerder voorwaardelijk opgelegde gevangenisstraf van vier maanden, omdat verdachte zich opnieuw schuldig had gemaakt aan een strafbaar feit binnen de proeftijd. Het arrest werd gewezen door het gerechtshof Arnhem op 28 augustus 2009.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 44 uur werkstraf, subsidiair 22 dagen hechtenis, en tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier maanden.