ECLI:NL:GHARN:2009:BJ7709
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg
- Rechtspraak.nl
Toekenning vergoeding kosten strafzaak zonder oplegging straf
Verzoeker heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 591a Sv om vergoeding van kosten en/of geleden schade in een strafzaak die tegen hem was aangespannen. De strafzaak werd behandeld door de politierechter en in hoger beroep door het gerechtshof Arnhem. Het hoger beroep eindigde zonder oplegging van straf of maatregel en zonder toepassing van artikel 9a Sr.
Het hof heeft in openbare raadkamer de stukken bestudeerd en de advocaat-generaal gehoord. Verzoeker heeft tijdig het verzoek ingediend en een specificatie van de kosten overgelegd, waaronder €7.925 aan raadsman kosten en €275 aan kosten voor het verzoekschrift.
Het hof achtte billijkheid gronden aanwezig om de gevraagde vergoeding toe te kennen en wees het verzoek toe tot een totaalbedrag van €8.200. Verzoeker en zijn advocaat waren niet aanwezig bij de raadkamer, maar waren schriftelijk geïnformeerd dat hun aanwezigheid niet vereist was.
De beschikking is op 15 september 2009 gewezen door het gerechtshof te Leeuwarden, enkelvoudige raadkamer, en de uitvoering van de betaling is bevolen.
Uitkomst: Verzoeker wordt een vergoeding van €8.200 toegekend voor gemaakte kosten in de strafzaak.