ECLI:NL:GHARN:2009:BK0412
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vennoot aansprakelijk gesteld voor belastingschulden VOF ondanks uittreden
Het geschil betreft de aansprakelijkheid van een vennoot in een vennootschap onder firma (VOF) voor onbetaalde belastingschulden van de VOF. Belanghebbende was vennoot tot 31 december 2003 en werd aansprakelijk gesteld voor naheffingsaanslagen loonbelasting, omzetbelasting en motorrijtuigenbelasting over diverse jaren.
De rechtbank had het bedrag van de aansprakelijkstelling verminderd, maar belanghebbende stelde in hoger beroep dat hij niet aansprakelijk kon worden gehouden omdat hij was uitgetreden en dat de belastingdienst te laat had gehandeld. Ook wees hij op een aanvullende overeenkomst waarin hij niet aansprakelijk zou zijn voor schulden van de VOF.
Het hof oordeelt dat op grond van artikel 33 Invorderingswet Pro 1990 ook een gewezen vennoot aansprakelijk kan worden gesteld, en dat onderlinge afspraken tussen vennoten daaraan niet afdoen. De naheffingsaanslagen zijn tijdig opgelegd en belanghebbende heeft geen feiten aangevoerd die een beroep op behoorlijk bestuur rechtvaardigen. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Proceskosten worden niet aan belanghebbende opgelegd omdat het hoger beroep niet slaagt maar ook geen onredelijke elementen bevat.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aansprakelijkstelling voor belastingschulden van de VOF bevestigd.