ECLI:NL:GHARN:2009:BK2818
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- P.W.J. Sekeris
- H.M. Poelman
- W.M. van Schuijlenburg
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid verzoek tot schadevergoeding na sepot
Verzoeker diende een verzoekschrift in voor vergoeding van schade en kosten vanwege de tijd die hij in verzekering heeft doorgebracht. De strafzaak tegen hem was geseponeerd, waarvan hij op 10 januari 2007 schriftelijk op de hoogte was gesteld.
Het verzoekschrift werd echter pas op 6 mei 2008 ontvangen, wat betekent dat het niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn van drie maanden na de beëindiging van de zaak was ingediend. Verzoekers advocaat werd pas op 21 april 2008 door een brief van de parketsecretaris geïnformeerd over de sepotbeslissing, maar dit deed niet af aan de eerdere kennisgeving aan verzoeker zelf.
Het hof oordeelde dat de rechtbank terecht verzoeker niet-ontvankelijk heeft verklaard, omdat het verzoek niet tijdig was ingediend. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de beschikking van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hof bevestigt de niet-ontvankelijkheid van het verzoek tot schadevergoeding wegens overschrijding van de termijn.