ECLI:NL:GHARN:2009:BM3517
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geschil over erfdienstbaarheid en gebruiksrechten van weg tussen percelen
Partijen zijn eigenaren van percelen die door een weg van appellant worden gescheiden. Er zijn erfdienstbaarheden gevestigd ten behoeve van geïntimeerden over het perceel van appellant, met gebruiksbeperkingen zoals het niet berijden met motorvoertuigen en het sluiten van hekken.
Appellant heeft hekwerken geplaatst en stelt dat geïntimeerden het recht hebben de weg slechts op de minst bezwarende wijze te gebruiken, terwijl geïntimeerden een ruimere gebruiksrecht vorderen, waaronder het berijden met alle voertuigen en het aanwijzen van de weg als noodweg.
In hoger beroep zijn diverse vorderingen en grieven ingediend, waarbij partijen elkaar betwisten en eisvermeerderingen hebben gedaan. Het hof verklaart partijen niet-ontvankelijk in het hoger beroep tegen een tussenvonnis, gelast een plaatsopneming en comparitie ter plaatse om de situatie te beoordelen en te bezien of partijen tot een minnelijke regeling kunnen komen.
De zaak wordt aangehouden voor verdere beslissing na deze procedurele stappen. Het arrest is gewezen door drie raadsheren en uitgesproken op 28 april 2009.
Uitkomst: Partijen worden niet-ontvankelijk verklaard in hoger beroep tegen het tussenvonnis en een plaatsopneming met comparitie wordt bevolen.