ECLI:NL:GHARN:2010:BL3509

Gerechtshof Arnhem

Datum uitspraak
8 februari 2010
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
24-002151-08
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 14a SrArt. 14b SrArt. 14c SrArt. 14d SrArt. 14g Sr
Verwijzingen
8 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Veroordeling voor winkeldiefstal met recidive en voorwaardelijke gevangenisstraf

Verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het stelen van snoep in een winkel, een feit dat het hof als bewezen achtte. Het hof hield rekening met het recidivekarakter van de zaak en het feit dat de diefstal plaatsvond tijdens een proeftijd van een eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf.

Hoewel het feit op zichzelf een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigt, besloot het hof af te zien van directe gevangenisstraf vanwege een positief voorlichtingsrapport van de reclassering. De opgelegde straf bestaat uit een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier weken met een proeftijd van twee jaar en de bijzondere voorwaarde van reclasseringstoezicht.

Daarnaast verving het hof de tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke gevangenisstraf door een werkstraf van 42 uur, met een vervangende hechtenis van 21 dagen bij niet-naleving. Het hof benadrukte het belang van begeleiding om herhaling te voorkomen en verdachte te ondersteunen in het op orde krijgen van haar leven.

Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van vier weken met reclasseringstoezicht en een werkstraf van 42 uur in plaats van tenuitvoerlegging eerdere straf.

Uitspraak

Parketnummer: 24-002151-08
Parketnummer eerste aanleg: 07-602764-08 en 07-603168-07 (tul)
Arrest van 8 februari 2010 van het gerechtshof te Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, meervoudige strafkamer, op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad van 20 augustus 2008 in de strafzaak tegen:
[verdachte],
geboren op [...] 1974 te [geboorteplaats],
wonende te [woonplaats], [adres],
verschenen in persoon, bijgestaan door haar raadsman mr. H.J. Veen, advocaat te Utrecht.
Het vonnis waarvan beroep
De politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad heeft de verdachte bij het vonnis wegens een misdrijf veroordeeld tot een straf en heeft op een vordering tot tenuitvoerlegging beslist, zoals in dat vonnis omschreven.
Gebruik van het rechtsmiddel
De verdachte is op de voorgeschreven wijze en tijdig in hoger beroep gekomen.
Het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep
Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep, alsmede het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
De vordering van de advocaat-generaal
De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het hof verdachte zal veroordelen tot een voorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van twee weken met een proeftijd van twee jaren, met als bijzondere voorwaarde reclasseringstoezicht. De advocaat-generaal heeft voorts gevorderd dat het hof, in plaats van een last tot tenuitvoerlegging van de eerder bij vonnis van de politierechter in Zwolle-Lelystad opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf van drie weken te geven, een werkstraf voor de duur van 40 uren, subsidiair 20 dagen vervangende hechtenis zal gelasten.
De beslissing op het hoger beroep
Het hof zal het vonnis vernietigen en opnieuw recht doen.
Tenlastelegging
Aan de verdachte is ten laste gelegd, dat:
zij op of omstreeks 21 juni 2008 te gemeente [gemeente] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen twee, althans een of meer, zakken snoep, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [slachtoffer], gevestigd aan de [straat], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte.
Bewezenverklaring
Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde feit heeft begaan, met dien verstande dat:
zij op 21 juni 2008 te gemeente [gemeente] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen snoep, toebehorende aan [slachtoffer], gevestigd aan de [straat].
Het hof acht niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen.
Kwalificatie
Het bewezen verklaarde levert op het misdrijf:
diefstal.
Strafbaarheid
Het hof acht verdachte strafbaar. Strafuitsluitingsgronden worden niet aanwezig geacht.
Strafmotivering
Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het feit is begaan en de persoon van verdachte. Daarbij heeft het hof in het bijzonder het navolgende in aanmerking genomen.
Verdachte heeft zich op 21 juni 2008 schuldig gemaakt aan winkeldiefstal door snoep weg te nemen, dat toebehoorde aan [slachtoffer]. Winkeldiefstal is een ergerlijke vorm van criminaliteit die voor winkeliers hinder en schade oplevert.
Het hof houdt bij de strafoplegging rekening met een verdachte betreffend Uittreksel uit het Justitiële Documentatieregister d.d. 3 november 2009, waaruit blijkt dat verdachte eerder is veroordeeld wegens het plegen van soortgelijke strafbare feiten. Bovendien heeft zij het onderhavige misdrijf begaan in een proeftijd van een haar eerder opgelegde voorwaardelijke gevangenisstraf.
Gelet op het vorenstaande is het hof van oordeel dat het onderhavige feit, in samenhang bezien met verdachtes justitiële verleden, in beginsel een onvoorwaardelijke gevangenisstraf rechtvaardigt, zoals door de rechter in eerste aanleg is opgelegd.
Het hof ziet echter - gelet op het voorlichtingsrapport van Reclassering Nederland van 20 januari 2010 - aanleiding om af te zien van het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Het is van belang dat zij haar leven - met hulp van de reclassering -beter op orde krijgt en niet opnieuw met politie en justitie in aanraking komt.
Gelet op het vorenstaande, in onderlinge samenhang bezien, zal het hof aan verdachte een gevangenisstraf van na te melden duur in voorwaardelijke vorm opleggen, (mede) om verdachte ervan te weerhouden opnieuw strafbare feiten te plegen. Om haar hierin de nodige steun te bieden, zal het hof aan deze voorwaardelijke straf de bijzondere voorwaarde verbinden dat verdachte zich onder toezicht van de reclassering stelt en zich zal gedragen naar de aanwijzingen van die instelling, ook als die inhouden dat verdachte een ambulante behandeling bij de Waag of een soortgelijke instelling dient te ondergaan.
Beslissing op de vordering tot tenuitvoerlegging (07-603168-07)
Bij vonnis van de politierechter te Zwolle-Lelystad van 18 december 2007 is veroordeelde drie weken gevangenisstraf voorwaardelijk opgelegd met een proeftijd van 2 jaren. Voormeld vonnis is onherroepelijk geworden op 18 december 2007. De proeftijd is ingegaan op 3 januari 2008. De officier van justitie heeft d.d. 14 juli 2008 gevorderd dat last tot tenuitvoerlegging zal worden gegeven van voormelde gevangenisstraf, omdat veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd heeft schuldig gemaakt aan het bewezenverklaarde feit.
Nu gebleken is dat veroordeelde het bewezenverklaarde feit heeft begaan voor het einde van de bij voormeld vonnis gestelde proeftijd, is het hof van oordeel dat in beginsel de tenuitvoerlegging kan worden gelast van voormelde gevangenisstraf. Gelet op hetgeen hiervoor in de strafmotivering is overwogen acht het hof echter termen aanwezig om in plaats van een last tot tenuitvoerlegging te geven, een werkstraf voor de duur van 42 uren, subsidiair 21 dagen vervangende hechtenis te gelasten.
Toepassing van wetsartikelen
Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 14d, 14g, 22c, 22d en 310 van het Wetboek van Strafrecht, zoals deze artikelen golden ten tijde van het bewezen verklaarde.
De uitspraak
HET HOF,
RECHT DOENDE OP HET HOGER BEROEP:
vernietigt het vonnis, waarvan beroep, en opnieuw recht doende:
verklaart het verdachte ten laste gelegde bewezen en kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart dit feit en verdachte strafbaar;
verklaart niet bewezen hetgeen aan verdachte als voormeld meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven als bewezen is aangenomen en spreekt verdachte daarvan vrij;
veroordeelt verdachte [verdachte] tot gevangenisstraf voor de duur van vier weken;
beveelt, dat de gevangenisstraf niet zal worden ten uitvoer gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten op grond, dat de veroordeelde zich voor het einde van een proeftijd van twee jaren aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt, of de hierna te noemen bijzondere voorwaarde niet heeft nageleefd;
stelt als bijzondere voorwaarde:
dat de veroordeelde zich zal stellen onder toezicht van de Stichting Reclassering Nederland en zich zal gedragen naar de aanwijzingen van die instelling, ook als die inhouden dat verdachte een ambulante behandeling bij de Waag of een soortgelijke instelling dient te ondergaan;
draagt genoemde instelling op de veroordeelde bij de naleving van de voorwaarden hulp en steun te verlenen;
gelast (in plaats van het geven van een last tot tenuitvoerlegging van de gevangenisstraf de veroordeelde voorwaardelijk opgelegd bij vonnis van de politierechter in de rechtbank Zwolle-Lelystad d.d. 18 december 2007) taakstraf bestaande uit een werkstraf voor de duur van twee?nveertig uren met bevel voor het geval dat de veroordeelde de werkstraf niet naar behoren verricht, dat vervangende hechtenis voor de duur van eenentwintig dagen zal worden toegepast.
Dit arrest is aldus gewezen door mr. H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg, voorzitter, mr. P. Koolschijn en mr. D.V.E.M. van der Wiel-Rammeloo, in tegenwoordigheid van mr. J. Brink als griffier.