ECLI:NL:GHARN:2010:BL5756
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- B.M. Mens
- C.W.P. van Gelder
- R. Prakke-Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep alimentatie bij faillissement man; draagkracht nihil vastgesteld
Partijen zijn gescheiden en de man is failliet verklaard op 16 december 2008. De man verzocht de rechtbank om zijn alimentatieverplichting voor zijn dochter [A] vanaf de faillissementsdatum op nihil te stellen. De rechtbank wees dit verzoek af, waarna de man in hoger beroep ging bij het gerechtshof Arnhem.
Het hof overwoog dat het faillissement een relevante wijziging van omstandigheden vormt die herbeoordeling van draagkracht rechtvaardigt. Gelet op de jurisprudentie van de Hoge Raad en de toepasselijkheid van de Faillissementswet, is het uitgangspunt dat een failliet verklaarde alimentatieplichtige geen draagkracht heeft om alimentatie te betalen, tenzij bijzondere omstandigheden aanwezig zijn.
De vrouw stelde dat de man in de jaren voorafgaand aan het faillissement hoge privéonttrekkingen had gedaan, maar uit het verslag van de curator bleek dat er geen vermogen of spaargeld meer was en juist een grote schuldenlast bestond. De man had geen verdiencapaciteit sinds het faillissement, ondanks inspanningen om werk te vinden. Het hof concludeerde dat de man geen draagkracht heeft en stelde de alimentatiebijdrage voor de duur van het faillissement op nihil.
Het hof vernietigde de bestreden beschikking van de rechtbank Zutphen en wijzigde de alimentatieverplichting dienovereenkomstig. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De alimentatiebijdrage van de man wordt voor de duur van het faillissement op nihil gesteld.