ECLI:NL:GHARN:2010:BL6459
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Woning in aanbouw vormt geen eigen woning voor aftrek inkomstenbelasting
Belanghebbende kocht in 2000 een perceel met daarop een gesloopte boerderij en wilde daarop een woning bouwen. Door financiële problemen en vertragingen bij de gemeente werd de bouw pas in 2007 gerealiseerd. In 2005 was er geen aannemingsovereenkomst of bouwaanvraag ingediend, en was het bestemmingsplan nog niet gewijzigd.
Belanghebbende vorderde aftrek van rente en kosten van de geldlening in de inkomstenbelasting over 2005, stellende dat de woning in aanbouw was en haar binnen twee jaar als hoofdverblijf ter beschikking zou staan. De Inspecteur en rechtbank verwierpen dit, en ook het hof oordeelde dat belanghebbende dit niet aannemelijk had gemaakt.
Het hof nam aan dat de woning in aanbouw was, maar concludeerde dat het ontbreken van financiële middelen en het uitblijven van bouwactiviteiten in 2005 maakten dat de woning niet als eigen woning kon worden aangemerkt. Het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat de Inspecteur geen vertrouwen had gewekt dat stukken uit 2005 voldoende waren.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. De renteaftrek op de geldlening werd niet toegestaan omdat de woning in 2005 niet als eigen woning ter beschikking stond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de renteaftrek op de geldlening wordt niet toegestaan.