ECLI:NL:GHARN:2010:BL7937
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Streppel
- Verschuur
- Breemhaar
- Rechtspraak.nl
Waardebepaling bedrijfswoning bij beëindiging samenlevingsovereenkomst
Partijen, die sinds 31 oktober 2003 samenwoonden en hun vermogensrechtelijke verhouding geregeld hadden in een notariële samenlevingsovereenkomst van 21 juli 2006, zijn in geschil over de waardebepaling van het appartement van appellant bij beëindiging van de samenleving.
Het appartement is een bedrijfswoning met bijzondere bestemming, wat invloed heeft op de waarde. Diverse taxaties verschilden aanzienlijk, waarbij de rechtbank uitging van € 370.000 als waarde, terwijl appellant een lagere waarde van € 280.000 wenst aan te houden. Het hof oordeelt dat rekening moet worden gehouden met het waardedrukkende effect van de bedrijfswoningbestemming en dat de waarde van € 370.000 niet als vrije verkoopwaarde kan gelden.
Daarnaast is er discussie over de hoogte van de verbouwingskosten na 21 juli 2006 en een voorkeursrecht in de leveringsakte. Het hof wijst het bewijsaanbod van appellant af wegens onvoldoende specificatie en oordeelt dat het voorkeursrecht geen invloed heeft op de waardebepaling.
Het hof gelast een nieuwe taxatie door deskundigen, waarbij partijen zich mogen uitlaten over het aantal deskundigen en de vragen die aan hen worden gesteld. De zaak wordt aangehouden voor nadere beslissing na ontvangst van het deskundigenbericht.
Uitkomst: Het hof gelast een nieuwe taxatie van het appartement met inachtneming van de bedrijfswoningbestemming en houdt verdere beslissing aan.