ECLI:NL:GHARN:2010:BM3160
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- H.M.E. Laméris-Tebbenhoff Rijnenberg
- J. Hielkema
- E. Pennink
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor straatroven, poging tot diefstal met geweld en afpersing met verminderd toerekeningsvatbaarheid
Verdachte werd beschuldigd van twee straatroven gepleegd op 18 maart 2009, een poging tot diefstal met geweld op 12 december 2008, en afpersing. Hij werd aangehouden kort na de feiten waarbij gestolen goederen bij hem werden aangetroffen. DNA-onderzoek bevestigde zijn betrokkenheid bij de poging tot diefstal. Verdachte beriep zich op zwijgrecht en verklaarde onder invloed te zijn geweest.
De rechtbank veroordeelde verdachte, maar het hof vernietigde dit vonnis en deed zelf recht. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte de misdrijven had gepleegd, waarbij geweld en bedreiging met een mes werden gebruikt. De verdediging voerde aan dat het DNA-onderzoek onzorgvuldig was, maar het hof verwierp dit verweer en bevestigde de betrouwbaarheid van het onderzoek.
Psychiatrische rapporten stelden dat verdachte leed aan verslavingen en een persoonlijkheidsstoornis, waardoor hij verminderd toerekeningsvatbaar was. Het hof hield hiermee rekening bij de strafoplegging. Verdachte had bovendien een strafblad met eerdere veroordelingen en beging de feiten tijdens een proeftijd. Het hof veroordeelde hem tot 42 maanden gevangenisstraf, met aftrek van voorlopige hechtenis, en wees de tenuitvoerlegging van een eerdere voorwaardelijke straf af.
Daarnaast werd een vals biljet van 100 euro aan het verkeer onttrokken. Het hof sprak verdachte vrij van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden. De uitspraak werd gedaan door het Gerechtshof Arnhem op 29 april 2010.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 42 maanden gevangenisstraf voor straatroven, poging tot diefstal met geweld en afpersing met verminderd toerekeningsvatbaarheid.