ECLI:NL:GHARN:2010:BM5142
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Uitleg en nakoming vaststellingsovereenkomst inzake samenwerking na beëindiging arbeidsovereenkomst
De arbeidsovereenkomst tussen [X] en DLV Plant werd per 1 september 2006 ontbonden. Partijen sloten een vaststellingsovereenkomst waarin een beëindigingsvergoeding en een samenwerkingsclausule werden opgenomen, met name over het vervolgproject Bioveem.
[ X ] stelde dat DLV Plant tekort was geschoten door niet in te schrijven op het vervolgproject Bioveem, wat leidde tot een geschil over de uitleg van artikel 3 van Pro de overeenkomst. De rechtbank wees de vorderingen af, maar het hof kwam tot een andere interpretatie.
Het hof oordeelde dat DLV Plant zich op grond van redelijkheid en billijkheid verplicht had om zich in te spannen voor inschrijving op het vervolgproject Bioveem en dat zij tekort was geschoten door dit na te laten. De schadebegroting wordt nader besproken in een comparitie, waarbij partijen zich over de financiële gevolgen moeten uitlaten.
De zaak wordt aangehouden voor verdere behandeling van de schade en mogelijke minnelijke regeling.
Uitkomst: DLV Plant is tekortgeschoten in de nakoming van de vaststellingsovereenkomst door niet in te schrijven op het vervolgproject Bioveem; de zaak wordt aangehouden voor nadere schadebehandeling.