ECLI:NL:GHARN:2010:BM7225
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beperking heffingsrente wegens strijd met eigendomsrecht en buitensporige last
Belanghebbende heeft op 30 november 2006 een aanmerkelijk belang vervreemd met een voordeel van €70.000.000 en hierover €17.500.000 inkomstenbelasting verschuldigd. Over de periode 1 juli 2006 tot 9 februari 2007 werd heffingsrente berekend, waarvan belanghebbende betwistte dat deze over de periode vóór 1 december 2006 (de realisatiedatum) mocht worden geheven.
De rechtbank Arnhem wees het beroep van belanghebbende af, waarna hoger beroep werd ingesteld. Het Hof oordeelde dat de wettelijke fictie van heffingsrente berekening vanaf 1 juli 2006 leidt tot een buitensporige last die strijdig is met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM, omdat het voordeel pas op 30 november 2006 werd gerealiseerd.
Het Hof concludeerde dat de heffingsrente daarom beperkt moet worden tot de periode van 1 december 2006 tot 9 februari 2007, wat neerkomt op €149.393. Tevens werden proceskosten toegewezen aan belanghebbende. De uitspraak bevestigt dat een strikte toepassing van de wettelijke fictie niet altijd toelaatbaar is als dit leidt tot disproportionele lasten.
Uitkomst: De heffingsrente wordt beperkt tot de periode vanaf 1 december 2006 tot 9 februari 2007, waardoor het bedrag wordt verminderd tot €149.393.