ECLI:NL:GHARN:2010:BN4105
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vernietiging navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2003 wegens ontbreken nieuw feit
Belanghebbende, oprichter en directeur van X B.V., werd geconfronteerd met een navorderingsaanslag inkomstenbelasting over 2003. Deze aanslag was gebaseerd op contant betaalde facturen van een failliet bedrijf, waarvan de fiscale rechtmatigheid werd betwist. De Rechtbank Arnhem vernietigde de navorderingsaanslag en de beschikking heffingsrente, omdat de Inspecteur niet beschikte over een nieuw feit dat navordering rechtvaardigde.
De Inspecteur stelde in hoger beroep dat hij wel over een nieuw feit beschikte, mede door het gebruik van strafrechtelijke onderzoeksgegevens. Het Hof oordeelde echter dat de Inspecteur deze informatie reeds in 2004 had ontvangen en dat de redelijke termijn voor het gebruik ervan was verstreken bij het opleggen van de oorspronkelijke aanslag. Bovendien was onvoldoende aannemelijk gemaakt dat belanghebbende te kwader trouw was bij de aangifte.
Het Hof wees het hoger beroep van de Inspecteur af en bevestigde de vernietiging van de navorderingsaanslag en heffingsrente. Tevens wees het Hof de verzoeken tot schadevergoeding af en veroordeelde de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de vernietiging van de navorderingsaanslag inkomstenbelasting 2003 wegens het ontbreken van een nieuw feit en wijst het hoger beroep van de Inspecteur af.