ECLI:NL:GHARN:2010:BN4107
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag omzetbelasting wegens valse facturen en onjuiste aftrek
Belanghebbende, bestaande uit X B.V. en B B.V., is geconfronteerd met een naheffingsaanslag omzetbelasting over de jaren 2001 tot en met 2003 van € 10.533, een boete van € 5.158 en heffingsrente van € 1.387. Deze aanslag is gebaseerd op een boekenonderzoek dat volgde op een strafrechtelijk onderzoek naar een facturencarrousel waarbij valse facturen en onjuiste contante betalingen een rol speelden.
De rechtbank Arnhem verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, waarna hoger beroep werd ingesteld bij het Gerechtshof Arnhem. Het hof heeft het dossier, inclusief strafrechtelijke processen-verbaal en het controlerapport, bestudeerd en ter zitting partijen gehoord.
Het hof concludeert dat de contant betaalde inkoopfacturen van H B.V., een failliete onderneming, niet aannemelijk zijn gemaakt en vermoed dat de transacties niet hebben plaatsgevonden. Belanghebbende heeft onvoldoende tegenbewijs geleverd. De facturen voldoen niet aan de wettelijke eisen en zijn bewust in de administratie verwerkt om de belastingdruk te verlagen.
De naheffingsaanslag en boete zijn daarom terecht opgelegd. Het hof wijst het verzoek tot schadevergoeding af wegens gebrek aan bewijs en bevestigt de uitspraak van de rechtbank. Proceskostenveroordeling wordt niet opgelegd.
Uitkomst: Het Gerechtshof bevestigt de naheffingsaanslag en boete wegens onrechtmatige aftrek omzetbelasting op basis van valse facturen.