ECLI:NL:GHARN:2010:BN4739
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- O. Anjewierden
- G.M. Meijer-Campfens
- G.N. Roes
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens drugshandel en verduistering met strafvermindering wegens termijnoverschrijding
Verdachte werd in eerste aanleg veroordeeld voor het verkopen en vervoeren van cocaïne en het wederrechtelijk toe-eigenen van diverse goederen. In hoger beroep stelde de raadsman dat de aanhouding onrechtmatig was en het bewijs daardoor onrechtmatig verkregen, wat tot vrijspraak zou moeten leiden. Het hof oordeelde echter dat de staande houding en aanhouding rechtmatig waren, omdat verdachte op een verboden plek fietste en op aandringen zelf zijn tas opende waar drugs werden aangetroffen.
Het hof achtte bewezen dat verdachte tussen september 2007 en oktober 2007 cocaïne verkocht en vervoerde, en zich schuldig maakte aan meerdere verduisteringen door gevonden goederen niet bij de politie af te geven. Verdachte handelde kennelijk voor eigen financieel gewin, wat de ernst van de feiten vergrootte.
Hoewel de politierechter een werkstraf van 200 uur oplegde, hield het hof rekening met een overschrijding van de redelijke termijn met ongeveer 4 maanden en stelde de straf vast op 180 uur, waarvan 80 uur voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Tevens verklaarde het hof een telefoon en een geldbedrag van 490 euro verbeurd, omdat deze verband hielden met de drugshandel.
Het hof sprak verdachte vrij van een ten laste gelegde die niet bewezen kon worden en wees het hoger beroep af voor zover het gericht was tegen een vrijspraak. De tijd in voorlopige hechtenis werd in mindering gebracht op de werkstraf. Het arrest werd gewezen door drie rechters van het gerechtshof Arnhem.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot een werkstraf van 180 uur met strafvermindering wegens termijnoverschrijding en verbeurdverklaring van een telefoon en geldbedrag.