ECLI:NL:GHARN:2010:BN6365
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Ontslag om bedrijfseconomische redenen niet kennelijk onredelijk verklaard
In deze civiele zaak stond het ontslag van appellant bij Laserline B.V. centraal, waarbij appellant stelde dat het ontslag kennelijk onredelijk was en dat de financiële cijfers van Laserline bewust negatief waren weergegeven. Het hof oordeelde dat de verliezen over de jaren 2003 tot en met 2006 voldoende waren onderbouwd en dat de financiële situatie van Laserline eind 2005 ingrijpen in de personeelskosten noodzakelijk maakte.
Appellant voerde aan dat ondanks zijn lange dienstverband en goede functioneren geen vergoeding was toegekend en dat er geen outplacementregeling was getroffen. Het hof vond deze argumenten onvoldoende onderbouwd en stelde dat appellant geacht kon worden met niet al te veel moeite weer werk te vinden, wat ook gebeurde, zij het tijdelijk.
Verder werd het betoog dat Laserline de ontslagvergunningvoorwaarden had overtreden niet bewezen geacht. Het hof concludeerde dat het ontslag niet voorgewend of vals was en dat de gevolgen van het ontslag niet te ernstig waren in verhouding tot het belang van de werkgever.
Daarom werd het vonnis van de kantonrechter bekrachtigd en appellant veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het ontslag wordt niet kennelijk onredelijk geacht en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd zonder vergoeding aan appellant.