ECLI:NL:GHARN:2010:BN6715
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- H. Abbink
- A. van Waarden
- P.H.A.J. Cremers
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep wegens opzettelijk niet voldoen aan een wettelijk bevel van een toezichthouder
In deze strafzaak heeft het gerechtshof Arnhem het vonnis van de politierechter te Almelo vernietigd en doet het hof opnieuw recht. Verdachte werd ten laste gelegd dat hij op 16 augustus 2009 in de gemeente X opzettelijk niet had voldaan aan een bevel van een ambtenaar belast met toezicht, om afstand te houden. Het hof oordeelde dat het bevel krachtens artikel 154 van Pro de Gemeentewet was gegeven en daarmee wettelijk was voorgeschreven.
Het hof achtte bewezen dat verdachte het bevel niet opvolgde en verwierp het verweer dat verdachte het bevel niet had gehoord. Het hof sprak verdachte vrij van andere tenlasteleggingen die niet bewezen konden worden. Verdachte werd veroordeeld voor overtreding van artikel 184 Wetboek Pro van Strafrecht, omdat hij opzettelijk niet aan het bevel had voldaan.
Daarnaast werd de tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke jeugddetentie opnieuw aan de orde gesteld. Het hof besloot de proeftijd van deze jeugddetentie met één jaar te verlengen, gelet op de omstandigheden en het gedrag van verdachte.
De opgelegde straf bestond uit een geldboete van 250 euro, te vervangen door vijf dagen hechtenis bij niet-betaling. De uitspraak werd gedaan door mr H. Abbink, mr A. van Waarden en mr P.H.A.J. Cremers, waarbij laatstgenoemde niet kon medeondertekenen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van 250 euro en verlenging van de proeftijd van voorwaardelijke jeugddetentie met één jaar.