ECLI:NL:GHARN:2010:BN9322
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- S.H. Wachter
- W.M. van Schuijlenburg
- H.J. de Ruijter
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onrechtmatige staandehouding en onvoldoende bewijs rijbewijsongeldigheid
Verdachte werd op 31 januari 2009 staande gehouden wegens een vermeende overtreding van artikel 9 lid 2 van Pro de Wegenverkeerswet 1994, namelijk het besturen van een motorrijtuig terwijl het rijbewijs ongeldig was verklaard. De staandehouding vond plaats voordat de overtreding was vastgesteld, hetgeen het hof onrechtmatig achtte.
De onrechtmatigheid van de staandehouding werd gekwalificeerd als een niet te herstellen vormverzuim in de zin van artikel 359a, eerste lid, van het Wetboek van Strafvordering. Hierdoor moest het bewijs dat volgde op deze onrechtmatige staandehouding worden uitgesloten. Dit leidde tot onvoldoende wettig en overtuigend bewijs om verdachte te veroordelen.
De raadsman van verdachte voerde daarnaast aan dat niet bewezen kon worden dat verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat zijn rijbewijs ongeldig was. Het hof achtte dit verweer niet meer aan de orde vanwege de bewijsuitsluiting.
Het hof vernietigde het vonnis van de politierechter en sprak verdachte vrij van het ten laste gelegde. Dit arrest werd gewezen door mr. S.H. Wachter, mr. W.M. van Schuijlenburg en mr. H.J. de Ruijter.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onrechtmatige staandehouding en onvoldoende wettig bewijs.