ECLI:NL:GHARN:2010:BO0401
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling vergoeding verbeteringen en varkensrechten bij beëindiging pachtovereenkomst
In deze civiele zaak gaat het om de beëindiging van een pachtovereenkomst van een boerenwoning met erf en bedrijfsgebouwen, inclusief een opstalrecht voor een kraamzeugenstal. De pacht is per 1 mei 2007 ontbonden en de ontruiming vond plaats op 15 september 2008. De pachter heeft investeringen gedaan en productierechten verkocht, waarbij een geschil ontstond over vergoeding van verbeteringen en levering van varkensrechten.
De pachter vorderde een vergoeding van €186.579,12 voor investeringen op grond van artikel 7:350 BW Pro, terwijl de verpachter vorderde dat de pachter informatie verstrekte over varkensrechten, 49 varkenseenheden leverde en een bedrag van €54.512,50 betaalde. De rechtbank wees een beperkte vergoeding toe en veroordeelde tot levering van de varkenseenheden en betaling van het bedrag.
In hoger beroep oordeelt het hof dat slechts vier verbeteringen vooraf schriftelijk zijn gemeld en achteraf zijn goedgekeurd, en dat de vergoeding beperkt moet blijven tot €6.500. De overige vorderingen voor verbeteringen worden afgewezen wegens gebrek aan voorafgaande toestemming. Ten aanzien van de varkensrechten wordt vastgesteld dat de pachter gehouden is deze te leveren of te vergoeden, waarbij het hof nadere stukken verlangt over de omvang van de rechten, mede vanwege een complexe transactie met een derde partij.
Het hof verwijst de zaak naar de rol voor het indienen van aanvullende producties en stelt de verdere beslissing uit. De zaak betreft een gedetailleerde beoordeling van pachtvergoedingen en rechten in het kader van landbouwpacht en meststoffenwetgeving.
Uitkomst: Vergoeding verbeteringen beperkt tot €6.500 en nadere stukken over varkensrechten verlangd, verdere beslissing aangehouden.