ECLI:NL:GHARN:2010:BO3424
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling minderjarige voor poging tot diefstal en tenuitvoerlegging jeugddetentie
De minderjarige verdachte werd op heterdaad betrapt toen zij probeerde een portemonnee uit de jaszak van het slachtoffer te stelen. Hoewel zij ontkende, achtte het hof bewezen dat sprake was van poging tot diefstal, waarbij de uitvoering van het misdrijf niet was voltooid.
Het hof sprak de verdachte vrij van de primair ten laste gelegde diefstal, maar veroordeelde haar voor de subsidiaire poging tot diefstal. Bij de strafoplegging hield het hof rekening met de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het werd gepleegd en de recidive van de verdachte, die eerder reeds was veroordeeld voor soortgelijke feiten.
Daarnaast gelastte het hof de tenuitvoerlegging van twee voorwaardelijke jeugddetenties die eerder waren opgelegd door de kinderrechter, omdat de verdachte zich binnen de proeftijd opnieuw schuldig had gemaakt aan strafbare feiten. De opgelegde straf is onvoorwaardelijke jeugddetentie voor de duur van vier weken, waarbij de tijd in voorlopige hechtenis in mindering wordt gebracht.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot vier weken onvoorwaardelijke jeugddetentie en gelast tot tenuitvoerlegging van eerdere voorwaardelijke jeugddetenties.