ECLI:NL:GHARN:2010:BO7538
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging wettelijke schuldsaneringsregeling wegens niet te goeder trouw ontstane schuld uit bestuurdersaansprakelijkheid
Het gerechtshof Arnhem heeft in hoger beroep na verwijzing geoordeeld dat de schuldsaneringsregeling van [woonplaats] tussentijds dient te worden beëindigd. Dit volgt uit het feit dat de schuld aan Eurofactor niet te goeder trouw is ontstaan, zoals blijkt uit een onherroepelijk vonnis van de rechtbank Rotterdam waarin [woonplaats] hoofdelijk aansprakelijk is gesteld wegens onrechtmatig handelen.
Tijdens de toelatingszitting bij de rechtbank heeft [woonplaats] niet volledig openheid van zaken gegeven over de aard van de vordering van Eurofactor, met name over het vonnis dat zijn bestuurdersaansprakelijkheid bevestigt. Hierdoor is de inlichtingenplicht geschonden, wat een grond vormt voor beëindiging van de schuldsaneringsregeling.
Eurofactor stelde dat [woonplaats] niet te goeder trouw was en verwees naar de eerdere veroordeling en het uitblijven van aflossingen. [Woonplaats] betwistte dit en voerde aan dat hij slachtoffer was van anderen en dat een schikking met Capac een deel van de schuld dekt. Het hof oordeelde echter dat deze argumenten onvoldoende zijn om de schending van de inlichtingenplicht te weerleggen.
Het hof vernietigde het vonnis van de rechtbank ’s-Hertogenbosch en bepaalde dat de schuldsaneringsregeling wordt beëindigd, waarna [woonplaats] van rechtswege in staat van faillissement zal verkeren. Tevens werd de rechtbank verzocht het salaris van de bewindvoerder vast te stellen en werd de curator gemachtigd om post van [woonplaats] te openen gedurende dertien maanden.
Uitkomst: De wettelijke schuldsaneringsregeling van [woonplaats] wordt tussentijds beëindigd wegens niet te goeder trouw ontstane schuld en [woonplaats] wordt van rechtswege failliet verklaard.