ECLI:NL:GHARN:2010:BO8151
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- S.H. Wachter
- A.J. Rietveld
- P. Greve
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak ontuchtige handelingen met minderjarige halfzus wegens onvoldoende bewijs
Het gerechtshof Arnhem heeft op 10 december 2010 het vonnis van de rechtbank Zwolle-Lelystad vernietigd en verdachte vrijgesproken van ontuchtige handelingen met zijn minderjarige halfzus. De rechtbank had verdachte veroordeeld voorwaardelijk en tot een taakstraf, maar het hof oordeelde dat het bewijs onvoldoende was.
De tenlastelegging betrof meerdere ontuchtige handelingen gepleegd tussen september 2002 en december 2005 met het slachtoffer, dat toen tussen de twaalf en zestien jaar oud was. Het hof heeft het slachtoffer, haar moeder en haar moeders voormalige partner gehoord. Hoewel de verklaringen van het slachtoffer consistent waren, vond het hof deze onvoldoende ondersteund door ander bewijs, zoals technisch of objectief bewijs.
Het hof constateerde dat verklaringen van derden onvoldoende substantieel waren en dat herinneringen mogelijk vervormd of beïnvloed zijn. Ook het rapport van prof. Wagenaar wees op risico's van beïnvloeding en bemoeilijkte waarheidsvinding door de lange periode tussen de eerste melding en het politieonderzoek.
Gezien het vereiste bewijsminimum volgens artikel 342 lid 2 Sv Pro, achtte het hof het ten laste gelegde niet bewezen en sprak verdachte vrij. Het hoger beroep tegen de vrijspraak van andere tenlasteleggingen werd niet ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken van ontuchtige handelingen wegens onvoldoende bewijs.