ECLI:NL:GHARN:2010:BO8401
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- P. Greve
- P.J.M. van den Bergh
- A.J. Rietveld
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor ontuchtige handelingen met minderjarige kleindochter
Verdachte heeft in het weekend van 6 tot en met 9 maart 2009 ontuchtige handelingen gepleegd met zijn toen 12-jarige kleindochter, die bij hem logeerde. Deze handelingen bestonden onder meer uit tongzoenen, het tonen van zijn penis met daarbij seksuele bewegingen, en het binnendringen van haar vagina met zijn vingers. Daarnaast lag verdachte op zijn kleindochter met zijn penis op haar vagina en maakte daarbij op-en-neer gaande bewegingen.
De verklaring van het slachtoffer werd door het hof als betrouwbaar beoordeeld, mede ondersteund door een eerdere verklaring aan een vertrouwenspersoon en de verklaring van de voormalige echtgenote van verdachte, die bevestigde dat verdachte zijn schuld had erkend. Verdachte zelf erkende bij de politie bepaalde handelingen.
Het hof achtte verdachte strafbaar en wees strafuitsluitingsgronden af. Gezien de ernst van de feiten, de eerdere veroordelingen van verdachte wegens soortgelijke feiten met andere kleindochters, en de leeftijd van verdachte, legde het hof een gevangenisstraf van acht maanden op, waarvan vier maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie jaar.
Daarnaast werd verdachte veroordeeld tot betaling van schadevergoeding van €1.150 aan het slachtoffer en tot betaling van hetzelfde bedrag aan de Staat als schadevergoedingsmaatregel. Vervangende hechtenis werd bevolen bij niet-betaling. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot acht maanden gevangenisstraf, waarvan vier maanden voorwaardelijk, en tot betaling van schadevergoeding aan het slachtoffer.