ECLI:NL:GHARN:2010:BO8428
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs van opzettelijk nalaten en valsheid in geschrift
Het gerechtshof Arnhem heeft het vonnis van de politierechter in Zwolle-Lelystad vernietigd en verdachte vrijgesproken van het medeplegen van het opzettelijk nalaten van het verstrekken van gegevens en subsidiair valsheid in geschrift. De verdachte werd ervan verdacht in de periode van juni 2006 tot juni 2008 in de gemeente een verplichting uit hoofde van de Wet Werk en Bijstand te hebben geschonden door het niet melden van werkzaamheden en inkomsten.
De officier van justitie had in hoger beroep een voorwaardelijke werkstraf geëist, maar het hof oordeelde dat het primair ten laste gelegde niet wettig en overtuigend was bewezen, omdat niet was vastgesteld dat verdachte daadwerkelijk werkzaamheden had verricht of inkomsten had genoten. Ook het subsidiair ten laste gelegde, valsheid in geschrift, werd niet bewezen geacht omdat niet was komen vast te staan dat sprake was van ontvangen gelden die niet waren opgegeven.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis en sprak verdachte vrij van alle tenlasteleggingen. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige strafkamer van het gerechtshof te Arnhem op 20 december 2010.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs van het opzettelijk nalaten van gegevensverstrekking en valsheid in geschrift.