ECLI:NL:GHARN:2010:BP0618
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.D.S.L. Bosch
- G. Jonkman
- J.G. Idsardi
- Rechtspraak.nl
Toelating wijziging van eis in hoger beroep inzake verrekening huwelijkse voorwaarden
In deze zaak heeft de man in hoger beroep zijn stellingen gewijzigd en een geheel andere wijze van beoordeling van de zaak voorgesteld, waarbij hij een nieuw primair en subsidiair verzoek indiende gebaseerd op de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden. De vrouw maakte bezwaar tegen deze wijziging omdat zij van mening was dat deze te laat en onrechtmatig was ingediend, en dat de procedure daardoor feitelijk opnieuw gevoerd zou moeten worden.
Het hof verwees naar de vaste rechtspraak van de Hoge Raad waarin een strikte regel geldt dat grieven en wijziging van de eis in hoger beroep in beginsel alleen in het beroepschrift mogen worden aangevoerd. Echter, het hof erkende dat onder omstandigheden uitzonderingen mogelijk zijn, bijvoorbeeld wanneer de wederpartij ondubbelzinnig toestemt of wanneer de aard van het geschil dit vereist.
Het hof oordeelde dat de wijziging van het verzoek door de man een grief betreft die erop gericht is te voorkomen dat het geschil wordt beslist op basis van onjuiste of achterhaalde gegevens, mede gezien de stelling van collectieve dwaling. Het hof achtte het gewenst en passend voor een efficiënte afdoening van het geschil om de wijziging toe te laten, temeer daar de zaak nog niet in staat van wijzen was en de vrouw gelegenheid kreeg om hierop te reageren.
Daarom werd de wijziging van het verzoek en de gewijzigde gronden door het hof toegelaten. De vrouw kreeg de mogelijkheid om binnen acht weken schriftelijk te reageren en de zaak werd aangewezen voor mondelinge behandeling. Het hof hield verdere beslissing aan om na de behandeling te beslissen.
Uitkomst: Het hof laat de wijziging en vermeerdering van de eis in hoger beroep toe en stelt de vrouw in de gelegenheid schriftelijk te reageren.