ECLI:NL:GHARN:2011:3427
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- W.M. van Schuijlenburg
- A. Dijkstra
- H.J. de Ruijter
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift tegen omzetting taakstraf in vervangende hechtenis ongegrond verklaard
Het gerechtshof Arnhem, nevenzittingsplaats Leeuwarden, behandelde het bezwaarschrift van een veroordeelde tegen de kennisgeving van de advocaat-generaal tot tenuitvoerlegging van vervangende hechtenis wegens het niet verrichten van een opgelegde taakstraf.
De veroordeelde was veroordeeld tot een werkstraf van 80 uur met de bepaling dat bij niet-naleving vervangende hechtenis van 40 dagen zou volgen. De kennisgeving van omzetting werd niet op geldige wijze betekend, omdat deze naar het verkeerde adres werd gestuurd. De veroordeelde was op het moment van betekening in Marokko en werd pas in 2011 via zijn raadsman op de hoogte gesteld.
Het hof oordeelde dat ondanks de gebrekkige betekening het bezwaar ontvankelijk is en inhoudelijk behandeld zal worden. Uit stukken bleek dat de werkstraf niet kon worden uitgevoerd omdat de veroordeelde geen vaste woon- of verblijfplaats had en zich onvoldoende inspande om bereikbaar te zijn voor de reclassering.
Het hof stelde vast dat het mislukken van de werkstraf aan de veroordeelde te wijten is en dat zijn bereidheid om alsnog naar Nederland te komen niet tot een ander oordeel leidt. Daarom verklaarde het hof het bezwaarschrift ongegrond.
Uitkomst: Het hof verklaart het bezwaarschrift ongegrond en handhaaft de omzetting van de taakstraf in vervangende hechtenis.