ECLI:NL:GHARN:2011:BP3995

Gerechtshof Arnhem

Datum uitspraak
17 januari 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
P10/0314
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Veroordeling
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 67 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Bevestiging verlenging terbeschikkingstelling met advies betrekken reclassering bij behandeling

Het gerechtshof Arnhem heeft bij uitspraak van 17 januari 2011 het hoger beroep van de terbeschikkinggestelde behandeld tegen de beslissing van de rechtbank Arnhem tot verlenging van de terbeschikkingstelling met een jaar.

De terbeschikkinggestelde weigert verdere behandeling omdat hij meent dat het eerdere transmurale verlof onterecht is ingetrokken en de kliniek haar afspraken niet nakomt. De kliniek is echter bereid tot een geleidelijk resocialisatietraject. Deze patstelling leidt ertoe dat het hof het opmaken van een maatregelrapport op dit moment te vroeg acht.

Het hof bevestigt de verlenging van de terbeschikkingstelling met een jaar en voegt daaraan toe dat de kliniek zou kunnen onderzoeken om, hoewel niet gebruikelijk in deze fase, de reclassering als neutrale derde bij de behandeling te betrekken. Dit kan het perspectief op resocialisatie vergroten en de patstelling doorbreken.

De behandeling wordt niet geschorst en het verzoek daartoe wordt afgewezen. De beslissing van de rechtbank wordt met aanvulling van gronden bekrachtigd.

Uitkomst: Verlenging van de terbeschikkingstelling met één jaar bevestigd met advies reclassering te betrekken.

Uitspraak

TBS P10/0314
Beslissing d.d. 17 januari 2011
De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van
[Betrokkene],
geboren te [plaats] op [datum] 1959,
verblijvende in [verblijfplaats].
Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Arnhem van 24 september 2010, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van één jaar.
Het hof heeft gelet op de stukken van het dossier, waaronder:
- het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;
- de beslissing waarvan beroep (abusievelijk gedateerd 24 september 2009);
- de akte van hoger beroep van de terbeschikkinggestelde d.d. 24 september 2010;
- de aanvullende informatie van de [verblijfplaats] van 17 december 2010 met als bijlage de wettelijke aantekeningen van 1 juli 2007 tot 1 december 2010.
Het hof heeft ter terechtzitting van 3 januari 2011 gehoord de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman mr N.P.C.C. Langenberg, advocaat te Breda, en de advocaat-generaal, mr J.W. Rijkers.
Overwegingen:
Het standpunt van het openbaar ministerie
Primair wordt verzocht de behandeling te schorsen voor het opmaken van een maatregelrapport door de reclassering om uit de ontstane patstelling te komen. Subsidiair kan de TBS-maatregel met een termijn van één jaar worden verlengd.
Het standpunt van de terbeschikkinggestelde en zijn raadsman
Het primaire standpunt komt overeen met het verzoek van de advocaat-generaal de behandeling te schorsen voor het opmaken van een maatregelrapport door de reclassering met het oog op een eventuele voorwaardelijke beeindiging. Subsidiair refereert de verdediging zich aan het oordeel van het hof. De terbeschikkinggestelde heeft te kennen gegeven mee te willen werken met de reclassering.
Het oordeel van het hof
Het hof is van oordeel dat de rechtbank op juiste gronden heeft geoordeeld en op juiste wijze heeft beslist de terbeschikkingstelling te verlengen met een termijn van één jaar. Daarom zal de beslissing waarvan beroep met overneming van die gronden worden bevestigd, met aanvulling van de volgende grond.
Het hof heeft overwogen de behandeling te schorsen voor het opmaken van een maatregelrapport omtrent de voorwaarden voor een eventuele voorwaardelijke beëindiging van de verpleging van overheidswege. Gezien echter de huidige situatie dat de terbeschikkinggestelde nog geen enkel verlof geniet, acht het hof het opmaken van een maatregelrapport in dit stadium te vroeg. Hieraan ligt mede ten grondslag de patstelling die in de behandeling is ontstaan tussen de kliniek en de terbeschikkinggestelde. De kliniek is bereid een zeer geleidelijk resocialisatietraject in te gaan maar de terbeschikkinggestelde weigert aan iedere verdere behandeling mee te werken omdat in zijn ogen het eerdere transmurale verlof ten onrechte is ingetrokken en de kliniek haar beloftes en afspraken niet nakomt. Het hof acht het van belang dat de ontstane patstelling wordt doorbroken. In dat licht, en tegen de achtergrond van het feit dat eerder al sprake is geweest van een transmuraal verlof, valt wellicht door de kliniek de mogelijkheid te onderzoeken om, hoewel niet gebruikelijk in deze fase van de behandeling, de reclassering als “neutrale derde” bij de behandeling te betrekken en zo het perspectief voor de terbeschikkinggestelde op de ook door de kliniek beoogde resocialisatie te vergroten.
Beslissing
Het hof:
Wijst af het verzoek tot aanhouding.
Bevestigt met aanvulling van gronden zoals hiervoor is overwogen de beslissing van de rechtbank Arnhem van 24 september 2010 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [betrokkene].
Aldus gedaan door
mr Y.A.J.M. van Kuijck als voorzitter,
mr J.M.J. Denie en mr. T.M.L. Wolters als raadsheren,
en drs. R. Poll en prof. dr. B.C.M. Raes als raden,
in tegenwoordigheid van mr R. Salet als griffier,
en op 17 januari 2011 in het openbaar uitgesproken.
De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.