ECLI:NL:GHARN:2011:BP4965
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verdachte mensenhandel wegens onvoldoende bewijs
Aan verdachte werd het delict mensenhandel ten laste gelegd met betrekking tot twee slachtoffers over perioden tussen 2001 en 2004 in Nederland en diverse Europese landen. De tenlastelegging omvatte onder meer dwang, bedreiging, misbruik van overwicht en misleiding om seksuele handelingen te verrichten.
Het hof stelde vast dat de beschuldigingen uitsluitend gebaseerd waren op de verklaringen van de twee aangeefsters, terwijl het overige dossiermateriaal onvoldoende steunbewijs bood. Getuigenverklaringen boden geen bevestiging en sommige getuigen konden verdachte niet identificeren, waardoor persoonsverwisseling niet kon worden uitgesloten.
Hoewel verdachte aanvankelijk onjuiste verklaringen had afgelegd over zijn broer en verblijf, achtte het hof deze kennelijke leugenachtigheid onvoldoende om het ten laste gelegde wettig te bewijzen. Daarom vernietigde het hof het vonnis van de rechtbank en sprak verdachte vrij van alle ten laste gelegde feiten.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van mensenhandel wegens onvoldoende wettig bewijs.