ECLI:NL:GHARN:2011:BP8390
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt navordering wegens deels verkapte uitdelingen kartactiviteiten
Belanghebbende, enig aandeelhouder en directeur van een fiscale eenheid bestaande uit een holding en dochtervennootschappen, voerde kartactiviteiten uit via een dochtermaatschappij. De Belastingdienst stelde navorderingsaanslagen inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen vast over de jaren 1998 tot en met 2001, deels gebaseerd op correcties wegens zakelijke kosten die volgens de inspecteur deels privé-uitgaven betroffen.
De rechtbank had het beroep van belanghebbende gegrond verklaard en de navorderingsaanslagen vernietigd. De inspecteur stelde hoger beroep in, waarbij het hof oordeelde dat de inspecteur beschikte over een nieuw feit dat navordering rechtvaardigt. Het hof bevestigde dat de kartactiviteiten voor een aanzienlijk deel dienden ter bevrediging van persoonlijke behoeften van belanghebbende, waardoor de correcties als winstuitdelingen moesten worden aangemerkt.
Het hof verwierp het beroep van belanghebbende dat sprake zou zijn van ambtelijk verzuim en dat hij op grond van het controlerapport uit 1999 vertrouwen mocht ontlenen aan volledige aftrekbaarheid van de kosten. Het hoger beroep van de inspecteur werd gegrond verklaard, de navorderingsaanslagen werden verminderd maar grotendeels gehandhaafd. Het incidentele hoger beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard. Tevens werd een proceskostenvergoeding toegekend aan belanghebbende.
Uitkomst: Het hof bevestigt de navorderingsaanslagen wegens deels verkapte uitdelingen kartactiviteiten en vermindert deze, waarbij geen sprake is van ambtelijk verzuim.