ECLI:NL:GHARN:2011:BP9419
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- P. Greve
- G. Dam
- L.T. Wemes
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep ontneming wederrechtelijk verkregen voordeel uit handel in harddrugs
De veroordeelde werd door de rechtbank Zwolle-Lelystad veroordeeld voor medeplegen van handel in harddrugs in de periode van mei 2005 tot maart 2006. De rechtbank stelde het wederrechtelijk verkregen voordeel vast op 2.100 euro en legde een betalingsverplichting op aan de Staat.
In hoger beroep heeft het hof het vonnis van de rechtbank vernietigd en het wederrechtelijk verkregen voordeel opnieuw vastgesteld op 3.600 euro, gebaseerd op verklaringen van de veroordeelde over zijn inkomsten uit de handel in harddrugs gedurende 11 weken in 2006.
Vanwege een overschrijding van meer dan vier jaar en acht maanden tussen het vonnis van de rechtbank en de behandeling van het hoger beroep, heeft het hof de betalingsverplichting met 10% verminderd, waardoor het bedrag op 3.040 euro is vastgesteld. Daarnaast is een eerder verbeurd verklaard bedrag van 200 euro verrekend.
Het hof legt de veroordeelde de verplichting op dit bedrag aan de Staat te betalen ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel. Het arrest is gewezen door mr. P. Greve, mr. G. Dam en mr. L.T. Wemes.
Uitkomst: Veroordeelde moet 3.040 euro betalen ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel uit handel in harddrugs.