ECLI:NL:GHARN:2011:BQ1304
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Hielkema
- Lahuis
- Foppen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijk bezit van cocaïne tot geldboete en vervangende hechtenis
Het gerechtshof Arnhem heeft op 14 april 2011 het hoger beroep behandeld van verdachte die was veroordeeld door de politierechter in Zwolle-Lelystad voor het opzettelijk aanwezig hebben van 1,08 gram cocaïne.
Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht. Het bewezen verklaarde feit betrof het op 23 september 2006 in een gemeente aanwezig hebben van een hoeveelheid cocaïne, een middel als bedoeld in lijst I van de Opiumwet. Het hof achtte het bewezen dat verdachte dit opzettelijk had gedaan, maar verwierp andere tenlasteleggingen.
Bij de strafoplegging hield het hof rekening met de aard en ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het plaatsvond en de persoon van verdachte, waaronder eerdere niet-drugsgerelateerde veroordelingen en zijn werk in de bouw. Het hof veroordeelde verdachte tot een geldboete van €300,-, met zes dagen vervangende hechtenis als de boete niet wordt betaald.
De beslissing is genomen met inachtneming van de artikelen 2 en 10 van de Opiumwet en artikelen 23, 24, 24c en 63 van het Wetboek van Strafrecht. De strafuitsluitingsgronden werden niet aanwezig geacht.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geldboete van €300,- met zes dagen vervangende hechtenis bij niet-betaling.