ECLI:NL:GHARN:2011:BQ5851
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- L. Groefsema
- M.C.D. Boon-Niks
- F.J. Streppel
- Rechtspraak.nl
Geen toerekenbaar tekortschieten of dwaling bij advisering uitbreiding winkelconcept
Appellant, een zelfstandig ondernemer, sloot in 2001 een overeenkomst met Enorm Beheer voor het gebruik van een winkelconcept en ontving daarbij adviezen en prognoses voor zijn onderneming. Na verplaatsing van zijn bedrijf en beëindiging van de overeenkomst vorderde appellant vernietiging van de overeenkomst en schadevergoeding wegens tekortschieten en dwaling.
De rechtbank wees deze vorderingen af, waarna appellant hoger beroep instelde met meerdere grieven gericht op het bestaan van een franchiseovereenkomst, onjuiste omzetprognoses, toerekenbaar tekortschieten van Enorm en dwaling. Het hof overwoog dat appellant als zelfstandig ondernemer verantwoordelijk was voor zijn bedrijfsvoering en dat de overeenkomst niet voorzag in de door appellant gestelde aanvullende verplichtingen.
Het hof oordeelde dat de prognoses niet onrealistisch waren en dat onvoldoende bewijs bestond voor toerekenbaar tekortschieten van Enorm. Ook werd het beroep op dwaling verworpen omdat het ging om toekomstige omstandigheden en de advisering pas een jaar na het sluiten van de overeenkomst plaatsvond.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde appellant in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis van de rechtbank en wijst de vorderingen van appellant af wegens onvoldoende bewijs van tekortschieten of dwaling.