ECLI:NL:GHARN:2011:BQ7277
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek toelating wettelijke schuldsaneringsregeling wegens gebrek aan goede trouw bij hypotheekschuld
Appellante heeft een verzoek ingediend om toegelaten te worden tot de wettelijke schuldsaneringsregeling, nadat de rechtbank Arnhem dit verzoek had afgewezen. Zij voerde aan dat zij te goeder trouw was geweest ten aanzien van het ontstaan en het onbetaald laten van de hypotheekschuld aan Achmea Hypotheekbank N.V. Appellante en haar ex-partner hadden samen een woning gekocht met een hypotheek, waarvan zij na vertrek uit de woning een maandelijkse bijdrage bleef leveren.
Tijdens de procedure bleek dat appellante niet rechtstreeks met Achmea in overleg was getreden toen zij ontdekte dat haar ex-partner zijn betalingsverplichtingen niet nakwam. Ook had zij onvoldoende inspanningen geleverd om de executoriale verkoop van de woning te voorkomen, ondanks haar hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheekschuld.
Het hof oordeelde dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat zij te goeder trouw was geweest in de vijf jaar voorafgaand aan het verzoekschrift. Hoewel zij haar verplichtingen jegens haar ex-partner grotendeels was nagekomen, liet zij de aflossing van de hypotheekschuld op haar beloop. Daarom werd het bestreden vonnis van de rechtbank bekrachtigd en het verzoek tot schuldsanering afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling is afgewezen wegens het ontbreken van goede trouw.