ECLI:NL:GHARN:2011:BR0277
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- A.E.F. Hillen
- H.L. van der Beek
- F.M.P.M. Strengers
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek moeder tot tijdelijke verhuizing met kinderen naar Dubai
De moeder verzocht toestemming om met haar twee kinderen tijdelijk naar Dubai te verhuizen. Partijen oefenden gezamenlijk het gezag uit over de kinderen en de vader was tegen de verhuizing. De rechtbank wees het verzoek af, waarna de moeder in hoger beroep ging.
Het hof hield rekening met het belang van de kinderen, waarbij het behoud van een goede relatie met beide ouders centraal staat. De moeder stelde dat de verhuizing noodzakelijk was vanwege de baan van haar partner en dat de kinderen de verhuizing goed zouden doorstaan. De vader stelde dat de verhuizing niet in het belang van de kinderen was en dat intensief contact met hem noodzakelijk bleef.
De Raad voor de Kinderbescherming en een gedragsdeskundige gaven aan dat het beste zou zijn als iedereen in Nederland bleef wonen, maar dat een verhuizing naar Dubai als derde optie acceptabel was indien het gezin intact bleef. Het hof oordeelde echter dat de moeder onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de verhuizing onontkoombaar was en dat het belang van de vader en kinderen bij frequent contact zwaarder woog. De voorgestelde omgangsregeling was praktisch niet haalbaar voor de vader.
Daarom werd het verzoek tot verhuizing afgewezen en de beschikking van de rechtbank Zutphen bekrachtigd.
Uitkomst: Het verzoek van de moeder om met de kinderen naar Dubai te verhuizen wordt afgewezen en de beschikking van de rechtbank wordt bekrachtigd.