ECLI:NL:GHARN:2011:BR4151
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- E. van der Herberg
- P.H.A.J. Cremers
- J.H.M. Zwinkels
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlenging terbeschikkingstelling ondanks schending redelijke termijn
De terbeschikkinggestelde heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank ’s-Gravenhage van 14 december 2010 tot verlenging van zijn terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar. Het hof heeft het dossier bestudeerd en partijen gehoord op 18 juli 2011.
Het hof constateert dat de behandeling van de verlengingsvordering niet spoedig heeft plaatsgevonden, zoals vereist op grond van artikel 5 EVRM Pro en artikel 509x Sv. De rechtbank behandelde de vordering pas bijna vijf maanden na het verstrijken van de expiratiedatum en het hof zelf behandelde het beroep ruim zeven maanden na indiening.
Ondanks deze schending van de redelijke termijn acht het hof dat de beslissing om deze schending aan te nemen voldoende bevrediging biedt voor het geschonden rechtsgevoel. De inhoudelijke beoordeling van de verlenging wordt bevestigd, omdat de terbeschikkinggestelde op de goede weg is en het resocialisatietraject voortgezet dient te worden. Het verzoek tot aanhouding om nadere informatie te verkrijgen wordt afgewezen.
Uitkomst: Het hof bevestigt de verlenging van de terbeschikkingstelling met twee jaar ondanks de schending van de redelijke termijn.