ECLI:NL:GHARN:2011:BT8906
Gerechtshof Arnhem
- Raadkamer
- A.E. Harteveld
- P. van Kesteren
- G.C. Gillissen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing voorlopige hechtenis vordering toegewezen
Het gerechtshof Arnhem behandelde het hoger beroep van de officier van justitie tegen de beslissing van de rechtbank Almelo die de vordering tot voorlopige hechtenis van verdachte had afgewezen. De rechtbank had de voorlopige hechtenis beëindigd wegens het ontbreken van ernstige bezwaren tijdens de onderzoeksfase voorafgaand aan de terechtzitting.
Het hof oordeelde dat het wettelijk mogelijk is om na beëindiging van voorlopige hechtenis op basis van nieuwe feiten en omstandigheden opnieuw gevangenhouding te bevelen, mits voldaan wordt aan de wettelijke voorwaarden en beginselen van behoorlijke procesorde. Hierbij werd gelet op de aard en ernst van de nieuwe bezwaren en de voortvarendheid van het OM.
In deze zaak was kort na beëindiging van de voorlopige hechtenis een medeverdachte geïdentificeerd die een nieuwe belastende verklaring aflegde over de beroving waarbij verdachte betrokken was. Het hof vond geen strijd met het verbod op willekeur en achtte de bezwaren nog steeds aanwezig.
Daarom vernietigde het hof de beschikking van de rechtbank en beval de gevangenhouding van verdachte voor de duur van 32 dagen, conform de wettelijke termijnen uit het Wetboek van Strafvordering.
Uitkomst: Het gerechtshof heeft de voorlopige hechtenis bevolen voor de duur van 32 dagen en de beschikking van de rechtbank vernietigd.