ECLI:NL:GHARN:2011:BU4098
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake verzoek gezamenlijk gezag over minderjarige kinderen na echtscheiding
De vader heeft bij de rechtbank verzocht om gezamenlijk gezag over zijn twee minderjarige kinderen, wat door de rechtbank werd afgewezen. Het verzoek betreft kinderen uit een huwelijk dat in Brazilië is ontbonden, waarbij de moeder het eenhoofdig gezag heeft en de kinderen bij haar wonen in Nederland.
In hoger beroep stelt de vader dat hij inmiddels in Nederland woont en dat de omstandigheden gewijzigd zijn, waardoor hij gezamenlijk gezag wenst. De moeder betwist dit en wijst op ernstige communicatieproblemen die het gezamenlijk gezag in de weg zouden staan, met risico's voor het welzijn van de kinderen.
Het hof oordeelt dat het belang van de kinderen leidend is en dat onvoldoende informatie beschikbaar is om te bepalen of gezamenlijk gezag in hun belang is. Daarom draagt het hof de Raad voor de Kinderbescherming op om onderzoek te doen en te adviseren over de wenselijkheid van gezamenlijk gezag.
De zaak wordt aangehouden en zal op een later tijdstip opnieuw worden behandeld, waarbij het advies van de Raad zal worden betrokken. Het hof wijst erop dat goede communicatie tussen ouders essentieel is voor gezamenlijk gezag, maar erkent dat dit momenteel problematisch is.
De beslissing volgt op een uitgebreide schriftelijke en mondelinge behandeling, waarbij beide partijen door advocaten werden bijgestaan.
Uitkomst: Het hof houdt de zaak aan en verzoekt de Raad voor de Kinderbescherming een belangenonderzoek te doen en te adviseren over gezamenlijk gezag.