ECLI:NL:GHARN:2011:BU6242
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.A.W. Lensing
- B.P.J.A.M. van der Pol
- B.W.M. Hendriks
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak verstoring beschermde diersoorten en ontslag van rechtsvervolging wegens afwezigheid van alle schuld
Het gerechtshof Arnhem heeft in hoger beroep het vonnis van de economische politierechter vernietigd en opnieuw recht gedaan. Verdachte werd primair ten laste gelegd dat zij beschermde nesten, holen of verblijfplaatsen van dieren had verstoord, in strijd met artikel 11 van Pro de Flora- en faunawet. Het hof oordeelde dat verstoring slechts kan worden aangenomen indien de ecologische functie van de betreffende plaats daadwerkelijk is verstoord, wat in deze zaak niet is bewezen.
Subsidiair werd verdachte verweten in strijd met de Gedragscode zorgvuldig bosbeheer te hebben gehandeld, wat een overtreding van artikel 79 van Pro de Flora- en faunawet oplevert. Het hof stelde vast dat verdachte voorafgaand aan de werkzaamheden zorgvuldige inventarisaties had laten uitvoeren en adequaat had gehandeld bij het onverwacht aantreffen van een dassenburcht.
Hoewel het subsidiair tenlastegelegde bewezen werd verklaard, oordeelde het hof dat sprake was van afwezigheid van alle schuld, waardoor verdachte niet strafbaar is en wordt ontslagen van alle rechtsvervolging. Het openbaar ministerie werd ontvankelijk verklaard in het hoger beroep ondanks het late indienen van grieven.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van verstoring en ontslagen van alle rechtsvervolging wegens afwezigheid van alle schuld.