ECLI:NL:GHARN:2011:BU6965
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R.E. Weening
- L. Groefsema
- M.F.J. Haak
- Rechtspraak.nl
Beëindiging exclusieve distributieovereenkomst en vaststelling billijke vergoeding volgens Belgisch recht
De zaak betreft de beëindiging van een exclusieve distributieovereenkomst tussen een Belgische distributeur en een Nederlandse producent van reinigingsmachines. De distributeur, appellante, vordert een opzeggingsvergoeding en een billijke vergoeding wegens de beëindiging van de overeenkomst door geïntimeerde zonder inachtneming van een redelijke opzegtermijn.
De rechtbank Zwolle-Lelystad wees de vorderingen af wegens onvoldoende onderbouwing. In hoger beroep vernietigt het hof dit vonnis en oordeelt dat de onmiddellijke beëindiging onrechtmatig was. Het hof stelt vast dat geen sprake was van een grove tekortkoming die onmiddellijke beëindiging rechtvaardigt en dat de opzeggingstermijn van 20 maanden redelijk is, waarvan 8 maanden reeds zijn verstreken.
Het hof berekent de opzeggingsvergoeding op basis van de gemiddelde semi-brutowinst over de referentieperiode 2003-2004, wat leidt tot een bedrag van €1.628.296,74. Daarnaast kent het hof een rouwgeldvergoeding toe van €38.044,15 wegens ontslag van personeel. De vordering tot billijke clientèlevergoeding wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs dat de aangebrachte clientèle bij geïntimeerde is gebleven.
Het hof veroordeelt geïntimeerde tot betaling van genoemde bedragen met Belgische wettelijke rente vanaf 10 maart 2009 en in de proceskosten van het hoger beroep. Het arrest is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Geïntimeerde is veroordeeld tot betaling van een opzeggingsvergoeding van €1.628.296,74 en rouwgeld van €38.044,15 met wettelijke rente, wegens onrechtmatige onmiddellijke beëindiging van de distributieovereenkomst.