ECLI:NL:GHARN:2011:BU7387

Gerechtshof Arnhem

Datum uitspraak
1 december 2011
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
P11/0393
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 38e SrArt. 285 SrArt. 67 Wet op de rechterlijke organisatie
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Geen verlenging TBS-maatregel na overschrijding maximale duur bij schriftelijke bedreiging

De terbeschikkinggestelde verbleef in het kader van transmuraal verlof en was onderworpen aan een TBS-maatregel opgelegd in 1999 wegens schriftelijke bedreigingen van vrouwen, waarbij pornografische afbeeldingen waren gevoegd. De rechtbank had op 29 juli 2011 de verlenging van de TBS-maatregel met een jaar bevolen.

Het hof oordeelt dat de bedreigingen, hoewel ernstig, niet kunnen worden aangemerkt als een misdrijf gericht tegen de onaantastbaarheid van het lichaam, omdat de pornografische afbeeldingen niet als agressief van aard worden beschouwd. Hierdoor valt de opgelegde maatregel onder de gemaximeerde TBS van maximaal vier jaar.

Aangezien de TBS-maatregel inmiddels ruim twaalf jaar duurt, is de maximale duur overschreden. De wet staat een verdere verlenging niet toe, zodat het hof de beslissing van de rechtbank vernietigt en de vordering van het openbaar ministerie afwijst.

Het hof baseert zich op eerdere jurisprudentie dat een schriftelijke bedreiging zonder agressief niet-verbaal handelen niet kwalificeert als een geweldsmisdrijf. De terbeschikkinggestelde en zijn raadsman hadden aangevoerd dat sprake was van een gemaximeerde TBS, hetgeen door het hof wordt bevestigd.

De beslissing betekent dat de TBS-maatregel niet kan worden verlengd, ondanks het advies van de kliniek en pro justitia rapportages die een verlenging hadden aanbevolen.

Uitkomst: De verlenging van de TBS-maatregel wordt afgewezen omdat de maximale duur van vier jaar is overschreden en de bedreigingen geen geweldsmisdrijf vormen.

Uitspraak

TBS P11/0393
Beslissing d.d. 1 december 2011
De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van Pro de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van
[terbeschikkinggestelde],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],
in het kader van transmuraal verlof verblijvende aan het [adres] te [woonplaats].
Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 29 juli 2011, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar.
Het hof heeft gelet op de stukken, waaronder:
- het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;
- de beslissing waarvan beroep;
- de akte van beroep van de terbeschikkinggestelde d.d. 4 augustus 2011;
- het verlengingsadvies van [kliniek] van 12 april 2011, met daarbij gevoegd de wettelijke aantekeningen over de periode december 2010 tot en met mei 2011;
- de aanvullende informatie van [kliniek] van 10 november 2011, met daarbij gevoegd de wettelijke aantekeningen over de periode van maart 2011 tot en met oktober 2011;
- de pro justitia rapportage, op 29 maart 2011 opgemaakt door [psychiater], psychiater;
- de pro justitia rapportage, op 29 maart 2011 opgemaakt door [GZ-psycholoog], GZ-psycholoog;
- de brief van de raadsman van 4 november 2011.
Het hof heeft ter zitting van 17 november 2011 gehoord de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman mr R.J.M. Oerlemans, advocaat te ’s-Hertogenbosch, en de advocaat-generaal, mr I. Berben.
Overwegingen
Het standpunt van het openbaar ministerie
Betoogd is dat de tbs-maatregel is opgelegd vanwege een drietal schriftelijke bedreigingen van vrouwen, waarbij pornografische afbeeldingen waren gevoegd. Volgens de advocaat-generaal is dit vergelijkbaar met het toevoegen van de woorden “ik maak je dood” en daarbij een wapen tonen. Van een kale bedreiging is derhalve geen sprake. Mede gelet op de overwegingen van de rechtbank die ten grondslag liggen aan de oplegging van de maatregel van terbeschikkingstelling met verpleging van overheidswege in plaats van een terbeschikkingstelling met voorwaarden, welke (toentertijd) beperkt was tot maximaal 4 jaren, is volgens de advocaat-generaal in de onderhavige zaak geen sprake van een gemaximeerde terbeschikkingstelling. Gezien de (aanvullende) informatie van de kliniek en de pro justitia rapportages dient de maatregel te worden verlengd met een jaar.
Het standpunt van de terbeschikkinggestelde en zijn raadsman
Door het openbaar ministerie is aangevoerd dat het voegen van pornografische afbeeldingen bij brieven in dit geval niet kan worden bestempeld als een louter verbaal handelen dat naar zijn aard agressief is jegens de bedreigden. Onder verwijzing echter naar de beslissing van het hof van 30 mei 2011 heeft de raadsman primair betoogd dat sprake is van een gemaximeerde terbeschikkingstelling, hetgeen tot een afwijzing van de vordering moet leiden. Subsidiair is verzocht de verlengingstermijn te beperken tot een jaar.
Het oordeel van het hof
Het hof zal de beslissing van de rechtbank dienen te vernietigen, daar het tot een andere beslissing komt.
De maatregel van terbeschikkingstelling met bevel tot verpleging van overheidswege is opgelegd bij vonnis van de rechtbank ‘s-Hertogenbosch van 10 juni 1999. De tbs-maatregel is ingegaan op 25 juni 1999 en duurt thans ruim twaalf jaar. De maatregel is opgelegd vanwege een drietal bedreigingen met verkrachting, met feitelijke aanranding van de eerbaarheid en met enig misdrijf tegen het leven gericht. Uit de bewezenverklaringen in voornoemd vonnis blijkt dat de terbeschikkinggestelde drie vrouwen brieven heeft gestuurd, waarin hij de dreigende uitlatingen heeft gedaan onder bijvoeging van een pornografische afbeelding.
De vraag ligt voor of voornoemde delicten beschouwd moeten worden als misdrijven gericht tegen of gevaar veroorzakend voor de onaantastbaarheid van het lichaam van één of meer personen. Indien overtreding van artikel 285, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht slechts bestaat uit een verbale bedreiging kan niet zonder meer worden aangenomen dat er sprake is van een misdrijf dat is gericht tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. Hetzelfde geldt als er slechts sprake is van een schriftelijke bedreiging. Volgens de beslissing van het hof van 30 mei 2011 geldt in het algemeen dat voor het aannemen van een misdrijf als hier bedoeld vereist is dat een dreigende uiting voorafgegaan, vergezeld of gevolgd wordt door niet-verbaal handelen dat naar zijn aard agressief is jegens de bedreigde.
Naar het oordeel van het hof kunnen de in de bewezenverklaring bedoelde pornografische afbeeldingen niet worden aangemerkt als agressief van aard. Dit brengt met zich dat de tbs-maatregel niet is opgelegd ter zake van een misdrijf gericht tegen of gevaar veroorzakend voor de onaantastbaarheid van het lichaam van één of meer personen, als bedoeld in artikel 38e, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht. De duur van de opgelegde maatregel is derhalve beperkt tot vier jaar. Deze termijn is overschreden. Nu de wet de gevorderde verlenging van de maatregel niet toestaat, dient de vordering van de officier van justitie te worden afgewezen.
Beslissing
Het hof:
Vernietigt de beslissing van de rechtbank 's-Hertogenbosch van 29 juli 2011 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [terbeschikkinggestelde].
Wijst af de vordering van de officier van justitie.
Aldus gedaan door
mr Y.A.J.M. van Kuijck als voorzitter,
mr C. Caminada en mr E.G. Smedema als raadsheren,
en drs. J. Boon en drs. T. van Iersel als raden,
in tegenwoordigheid van mr I.H.A. Bijl als griffier,
en op 1 december 2011 in het openbaar uitgesproken.
De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.