ECLI:NL:GHARN:2012:BV8002
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bestuurdersaansprakelijkheid wegens betalingsonwil of betalingsonmacht van vennootschap
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de bestuurders van [bedrijfsnaam] B.V., [geïntimeerde 1] en [geïntimeerde 2], persoonlijk aansprakelijk konden worden gehouden voor het niet nakomen van betalingsverplichtingen van de vennootschap jegens [appellant]. [appellant] stelde dat er sprake was van betalingsonwil, wat een onrechtmatige daad zou vormen, terwijl de bestuurders betwistten dat en stelden dat er sprake was van betalingsonmacht.
Het hof bevestigde dat bestuurders in principe niet persoonlijk aansprakelijk zijn voor het niet nakomen van vennootschappelijke verplichtingen, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden die wijzen op betalingsonwil. Uit de feiten bleek dat de bestuurders pas in december 2005 waren aangetreden en dat vanaf dat moment de vennootschap in financiële problemen verkeerde met een negatief eigen vermogen en een faillissement in 2010.
De jaarrekeningen en andere stukken toonden aan dat de vennootschap niet in staat was al haar schulden te voldoen, wat wijst op betalingsonmacht. [appellant] slaagde er niet in voldoende bewijs te leveren dat er sprake was van betalingsonwil. Het hof concludeerde dat de bestuurders geen ernstig verwijt treft en dat zij niet persoonlijk aansprakelijk zijn.
Het hoger beroep werd daarom verworpen en het vonnis van de rechtbank Arnhem van 3 juni 2009 werd bekrachtigd. [appellant] werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vorderingen van appellant af wegens betalingsonmacht, niet betalingsonwil.