ECLI:NL:GHARN:2012:BV8573
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- L.T. Wemes
- G. Dam
- P. Greve
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak deelname criminele organisatie wegens onvoldoende bewijs en niet-ontvankelijkheid deels
In deze strafzaak tegen verdachte, die geen Nederlandse nationaliteit bezit maar ten tijde van het ten laste gelegde in Nederland woonachtig was, stond deelname aan een criminele organisatie met diverse strafbare feiten ten laste. Het hof onderzocht onder meer de rechtsmacht en de legitimiteit van het gebruikte verhoorprotocol met inzet van externe partners zoals een dominee en een ervaringsdeskundige.
De verdediging voerde niet-ontvankelijkheid aan vanwege ernstige onregelmatigheden in het verhoorprotocol en de uitvoering daarvan. De rechtbank oordeelde dat hoewel er tekortkomingen waren, deze niet van dien aard waren dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk verklaard kon worden. Het hof bevestigde dit oordeel, ondanks kritiek op de controle en regie van het openbaar ministerie bij de inzet van burgerdeskundigen.
Ten aanzien van de tenlastelegging oordeelde het hof dat het openbaar ministerie niet ontvankelijk is voor zover het strafbare feit niet mede in Nederland is gepleegd. Daarnaast ontbrak het aan voldoende bewijs dat verdachte deel uitmaakte van een criminele organisatie, mede omdat de relatie met medeverdachte 19 niet zodanig was dat sprake was van een gestructureerd samenwerkingsverband. Daarom sprak het hof verdachte vrij van deelname aan de organisatie. De vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding werd afgewezen omdat verdachte niet schuldig werd bevonden.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van deelname aan een criminele organisatie en het openbaar ministerie wordt niet ontvankelijk verklaard voor feiten buiten Nederland.