ECLI:NL:GHARN:2012:BW2940
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toestemming echtgenote vereist voor borgstelling bij financiële nood onderneming
In deze civiele zaak stond centraal of de borgstelling door [geïntimeerde] voor de huurschuld van zijn vennootschap rechtsgeldig was zonder toestemming van zijn echtgenote. De vennootschap verkeerde in financiële problemen en werd kort na de borgstelling failliet verklaard.
Het hof bevestigde dat op grond van artikel 1:88 BW Pro toestemming van de echtgenoot voor het afgeven van borgtocht vereist is, tenzij het binnen de normale bedrijfsvoering valt. Omdat de vennootschap al in financiële nood verkeerde en de borgstelling geen normaal bedrijfsbelang diende, was toestemming noodzakelijk.
De echtgenote had geen toestemming gegeven en had de verklaring vernietigd. Het hof stelde dat een vernietigingsverklaring vormvrij is en geen hoge eisen aan de inhoud stelt. De verklaring van de echtgenote en haar advocaat volstonden voor vernietiging.
Het hoger beroep van [appellant] werd afgewezen, het vonnis van de rechtbank Zutphen bekrachtigd en [appellant] veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de borgstelling zonder toestemming van de echtgenote wordt vernietigd.