ECLI:NL:GHARN:2012:BW5205
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- J.G. Luiten
- H.L. van der Beek
- M.A.J.S. de Vries Robbé-de Roy van Zuydewijn
- Rechtspraak.nl
Verdeling huwelijkse voorwaarden en eenvoudige gemeenschap na echtscheiding
Partijen zijn gehuwd onder huwelijkse voorwaarden met afwijkende regeling voor kosten van de huishouding. Na echtscheiding is onenigheid ontstaan over de afwikkeling van deze voorwaarden en de verdeling van vermogen en schulden.
Het geschil betreft onder meer de uitleg van artikel 3 van Pro de huwelijkse voorwaarden over de fourneerplicht, de waarde van een Volvo en de aflossing van een doorlopend krediet, de verdeling van de inboedel, de toebedeling van schilderijen, de afwikkeling van een creditcardschuld en pensioenverevening.
Het hof oordeelt dat de kosten van de huishouding eerst uit inkomsten uit arbeid, vervolgens uit inkomsten uit vermogen, daarna uit gezamenlijk vermogen en tenslotte naar evenredigheid uit privévermogen moeten worden bestreden. De vrouw slaagt er niet in voldoende inzicht te geven in de tekorten en uitgaven, waardoor haar verzoek tot aanvullende bijdrage van de man wordt afgewezen.
Verder wordt de waarde van de Volvo vastgesteld, de schulden naar rato verdeeld, en wordt de verdeling van de inboedel en schilderijen vastgesteld, waarbij sommige schilderijen aan ieder voor de helft worden toegerekend. De creditcardschuld wordt naar inkomensverhouding verdeeld. De pensioenverevening wordt niet gewijzigd.
De bestreden beschikking wordt deels vernietigd en deels bekrachtigd, met compensatie van de proceskosten tussen partijen.
Uitkomst: Het hof verduidelijkt de fourneerplicht en bepaalt de verdeling van vermogen, schulden en goederen tussen partijen na echtscheiding.