ECLI:NL:GHARN:2012:BW5216
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Verplichting tot overlegging jaarstukken en verkoop aandelen na ontbinding vennootschap
In deze zaak staat centraal of de besloten vennootschap Ongo B.V., waarvan [bedrijf X] enig aandeelhouder en bestuurder was, op het moment van ontbinding nog baten bezat en wie de stelplicht draagt voor het al dan niet bestaan van deze baten.
Na executoriaal beslag op de aandelen van Ongo en een verzoek tot verkoop daarvan, besloot [bedrijf X] tot ontbinding van Ongo. Het hof oordeelt dat op grond van artikel 2:19 lid 4 en Pro 5 BW en artikel 2:23c lid 1 BW een rechtspersoon pas ophoudt te bestaan indien geen baten meer aanwezig zijn op het moment van ontbinding. Het hof stelt dat de verzwaarde stelplicht hiervoor bij [bedrijf X] ligt, omdat zij beschikte over de boekhouding en geen gedeponeerde jaarstukken kon overleggen.
De door [bedrijf X] overgelegde balansen waren onvoldoende betrouwbaar en niet voorzien van een accountantsverklaring, terwijl [bedrijf Y] gemotiveerde bezwaren had. Hierdoor is niet voldaan aan de verzwaarde stelplicht en wordt aangenomen dat Ongo ten tijde van ontbinding nog baten had.
Het hof bekrachtigt het verlof tot verkoop en overdracht van de aandelen, maar vernietigt de verplichting van Ongo tot het ter beschikking stellen van jaarstukken. Tevens veroordeelt het hof [bedrijf X] in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het verlof tot verkoop van aandelen en vernietigt de verplichting tot overlegging van jaarstukken door Ongo.