ECLI:NL:GHARN:2012:BW6766
Gerechtshof Arnhem
- Kort geding
- M.H.H.A. Moes
- H. van Loo
- R. Prakke-Nieuwenhuizen
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging zorg- en contactregeling vader met minderjarige kinderen en proceskostenveroordeling moeder
In deze zaak vordert de vader in kort geding nakoming van het ouderschapsplan uit 2009, waarin een zorg- en contactregeling voor hun twee minderjarige kinderen is vastgelegd. De moeder stelt bezwaren tegen de praktische uitvoering van de regeling, met name over het ophalen van de kinderen in de woonplaats van de vader en de mogelijkheid voor het kind om te voetballen tijdens het omgangsweekend.
De voorzieningenrechter stelde een regeling vast waarbij de vader één weekend per maand omgang heeft, waarbij hij de kinderen op vrijdagmiddag ophaalt in de woonplaats van de moeder en de moeder hen op zondagavond ophaalt in de woonplaats van de vader. De moeder betwistte dit en voerde onder meer aan dat zij niet over een auto beschikt en niet in staat is de kinderen op te halen.
Het hof oordeelt dat er sprake is van een relevante wijziging van omstandigheden, onder meer doordat de moeder en kinderen naar een andere woonplaats zijn verhuisd en de moeder momenteel niet werkt. Het hof vindt het redelijk dat het ophalen en terugbrengen van de kinderen gelijkelijk wordt verdeeld, waarbij de vader de kinderen op vrijdag ophaalt en de moeder op zondag. De moeder kan gebruikmaken van een auto van haar vader en de vader vergoedt de benzinekosten. De vordering van de moeder om het kind te laten voetballen tijdens het omgangsweekend wordt afgewezen omdat dit ten koste gaat van de kwaliteit van het contact.
Ten slotte veroordeelt het hof de moeder in de proceskosten van zowel de eerste aanleg als het hoger beroep, omdat zij in het ongelijk wordt gesteld. Het arrest bekrachtigt het vonnis van de voorzieningenrechter, behoudens de proceskostenveroordeling die wordt aangepast.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de zorg- en contactregeling waarbij de vader één weekend per maand omgang heeft en veroordeelt de moeder in de proceskosten van beide instanties.