ECLI:NL:GHARN:2012:BX0494
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep kort geding
- H.M. Wattendorff
- W. Duitemeijer
- H. van Leeuwen
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof schorst concurrentiebeding deels wegens functiewijziging en belangenafweging
In deze zaak stond het concurrentiebeding tussen [A] en zijn voormalige werkgever Smeba Brandbeveiliging B.V. centraal. [A] was sinds 1995 in dienst en maakte een functiewijziging door van monteur naar verkoper binnendienst, waardoor het concurrentiebeding volgens hem zwaarder ging drukken. Na zijn vertrek naar een concurrerend bedrijf vorderde hij schorsing van het concurrentiebeding totdat de bodemrechter hierover zou beslissen.
Het hof oordeelde dat sprake was van een ingrijpende en niet voorzienbare functiewijziging die het concurrentiebeding zwaarder deed drukken. De belangen van beide partijen moesten in redelijke verhouding worden afgewogen. Het hof stelde vast dat [A] door zijn functie over commerciële, concurrentiegevoelige informatie beschikte en dat het beding hem in zijn arbeidsmogelijkheden belemmerde, terwijl Smeba belang had bij bescherming van haar klanten en bedrijfsinformatie.
Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter en schorste de werking van het concurrentiebeding voor zover het [A] meer verbood dan het onderhouden van zakelijk contact met klanten van Smeba die op een door Smeba verstrekte lijst stonden. Daarbij werd ook het contact via zakelijke netwerken als LinkedIn onder het verbod begrepen. De kosten van het geding werden grotendeels aan Smeba opgelegd, met een compensatie van de kosten in het incidenteel hoger beroep.
Uitkomst: Het concurrentiebeding wordt deels geschorst totdat de bodemrechter beslist, met beperking tot het verbod op zakelijk contact met klanten van Smeba op een verstrekte lijst.