ECLI:NL:GHARN:2012:BX7071
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- I.A. Katz-Soeterboek
- E.B. Knottnerus
- G.P.M. van den Dungen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afroepcontract tussen werknemer en VBE, geen arbeidsovereenkomst met vast aantal uren
Het gerechtshof Arnhem heeft in hoger beroep geoordeeld over de aard van de arbeidsrelatie tussen appellant en VBE. Het hof concludeerde dat sprake was van een afroepcontract, waarbij geen vaste wekelijkse of maandelijkse uren waren gegarandeerd, maar de uren werden bepaald op basis van onderlinge afspraken. Dit komt overeen met artikel 14 van Pro de CAO, dat de regeling van diensten bij afroepcontracten regelt.
Appellant stelde dat hem een vast aantal uren per week was toegezegd, maar het hof vond dit niet bewezen. De loonstroken toonden variërende uren aan en een e-mail van appellant bevestigde het afroepkarakter. Juridisch werd verwezen naar artikel 7:627 BW Pro (geen loon zonder arbeid) en artikel 7:628 BW Pro, waarbij de CAO afwijkingen mogelijk maakt die in dit geval van toepassing zijn.
Het hof verwierp de primaire en subsidiaire vorderingen van appellant, omdat hij geen concreet bewijs leverde dat zou leiden tot een andere conclusie. Het vonnis van de kantonrechter werd bekrachtigd en appellant werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Hiermee is bevestigd dat er geen arbeidsovereenkomst met een vast aantal uren bestond, maar een afroepcontract.
De uitspraak benadrukt het belang van schriftelijke afspraken en de toepassing van de CAO-bepalingen bij afroepcontracten, waarbij de hoofdregel 'geen arbeid, geen loon' geldt tenzij anders schriftelijk is overeengekomen.
Uitkomst: Het hof bevestigt het afroepcontract en wijst de vorderingen van appellant af.