ECLI:NL:GHARN:2012:BX9270
Gerechtshof Arnhem
- Hoger beroep
- R.H. Koning
- M.H.M. Boekhorst Carrillo
- G. Mintjes
- Rechtspraak.nl
Veroordeling hulpverlener voor ontucht met minderjarige jongens in opvangtehuizen Bangladesh
De verdachte, een Nederlandse hulpverlener, richtte opvangtehuizen op in Bangladesh voor straatkinderen en had de leiding over deze tehuizen. Hij werd beschuldigd van het plegen van ontucht met meerdere minderjarige jongens die aan zijn zorg waren toevertrouwd. Ondanks pogingen om getuigen in Bangladesh te horen, werd dit verhinderd door het ontbreken van medewerking van de Bengaalse autoriteiten.
Het hof oordeelde dat de verklaringen van de in Bangladesh verblijvende jongens, hoewel niet rechtstreeks ondervraagd door de verdediging, voldoende betrouwbaar waren in combinatie met andere bewijsstukken, waaronder verklaringen van de verdachte zelf. Het verweer dat het ondervragingsrecht en artikel 6 EVRM Pro waren geschonden werd verworpen. Ook het beroep op niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie wegens overschrijding van de redelijke termijn werd afgewezen, hoewel het hof wel rekening hield met een overschrijding van tweeënhalf tot drie jaar.
Het hof verklaarde het openbaar ministerie niet-ontvankelijk voor de periode vóór 1 oktober 2002 vanwege het ontbreken van dubbele strafbaarheid. De verdachte werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 15 maanden geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en een taakstraf van 240 uur, mede vanwege de ernst van de feiten, het misbruik van kwetsbare kinderen en de overschrijding van de redelijke termijn.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 15 maanden voorwaardelijke gevangenisstraf en 240 uur taakstraf wegens ontucht met minderjarige jongens in opvangtehuizen in Bangladesh.